Uitzondering WWZ voor seizoenswerkers

30-11-2015
Bedrijven in de landbouwsector hoeven binnenkort waarschijnlijk voor hun seizoenswerkers niet meer rekening te houden met de onderbrekingstermijn van zes maanden die volgens de Wet Werk en Zekerheid geldt.
 
De CNV, FNV en LTO Nederland hebben een voorstel hiervoor ingediend bij Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
 
Onderbrekingsperiode
Voor veel landbouwbedrijven is het momenteel nog lastig om seizoenswerkers aan het werk te houden. De regel luidt nu dat er minimaal zes maanden tussen twee tijdelijke contracten moeten zitten om deze niet als opeenvolgend te laten gelden (onderbrekingsperiode). Daarnaast heeft de desbetreffende tijdelijke arbeidskracht sinds de invoering van de Wet Werk en Zekerheid na twee jaarcontracten recht op een vaste baan (kortere ketenbepaling). Veel bedrijven zijn het hier niet mee eens omdat de oogst in de landbouw vaak al eerder komt dan deze zes maanden en het personeel is daardoor dus eerder nodig.
 
Voorstel
Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft aangegeven bereid te zijn naar dit punt te kijken, mits de werkgevers en werknemers zelf met een oplossing zouden komen. LTO Nederland, CNV en FNV stellen nu voor de zes maanden die tussen twee tijdelijke contracten moet zitten, te laten vervallen. Ook willen zij graag dat bij functies die minimaal negen maanden duren, de werknemer pas na vier contracten in aanmerking komt voor een vaste baan.

Bron: NOS en Flexmarkt