Uitzendwerk biedt WW’ers meeste perspectief

21-10-2016
Uitzendwerk biedt de beste kans voor WW’ers weer werk te vinden. Van de uitzendkrachten die in 2014 werkloos werden was 80 % binnen een jaar weer aan de slag. In totaal gaat ruim een derde van alle werkhervatters als uitzendkracht weer aan de slag.
 
Dat blijkt uit het rapport Kansrijk uit de WW dat het UWV deze week heeft gepubliceerd.
 
Van de uitzendkrachten die in 2014 werkloos werden was 80% binnen een jaar weer aan de slag. Daar staat tegenover dat de meeste mensen die de WW instroomden in 2014 ook werkzaam waren als uitzendkracht. Dus zowel de in- als uitstroom van uitzendkrachten in de WW is hoger dan gemiddeld. Relatief gezien (in verhouding tot de instroom) bieden uitzendwerk, de landbouw, de horeca, het onderwijs en de overige zorg het meeste perspectief om binnen een jaar het werk te hervatten. Ook voor duurzame werkhervatting (> een jaar) behoort uitzendwerk tot de sectoren die het meeste perspectief bieden.

Aan de slag als uitzendkracht
Uitzendwerk heeft een relatief groot aandeel in de werkhervattingen, concludeert UWV. Ruim een derde van alle werkhervatters gaat als uitzendkracht weer aan de slag. Met name WW'ers uit industriële sectoren gaan uitzendwerk verrichten. Voor WW'ers uit dienstverlenende sectoren is uitzendwerk van minder belang. Binnen de kinderopvang, geestelijke gezondheidszorg, onderwijs en culturele instellingen gaat minder dan 10% als uitzendkracht weer aan het werk.
 
Groei uitzendbanen
Op basis van CBS-cijfers en de eigen Arbeidsmarktprognose stelt het UWV dat er in 2015 672.000 uitzendbanen waren. Dat is 68.000 meer uitzendbanen dan in 2014. In 2015 is het niveau van voor de crisis (2008) zelfs licht overschreden (2008: 669.000 uitzendbanen). Voor 2016 – 2017 rekent het UWV op een verdere groei met 86.000 uitzendbanen. Het UWV concludeert dat de opleving op de arbeidsmarkt het eerst zichtbaar bleek in de uitzendbranche. Uitzendbureaus profiteerden van terughoudendheid van bedrijven om personeel aan te nemen aan het begin van het herstel na de crisis.
 
Bron: UWV